Vakinhoud en context

Contexten geven betekenis aan het leerproces: de leerling kan zich een beeld vormen van de situatie waarin vakinhouden worden aangeboden. Het is nodig de context te verkennen, want de gebruikte contexten zijn niet bij iedereen bekend. Daarnaast is het van belang dat de leraar de talige aspecten van de context toegankelijk maakt voor de leerlingen.

  • Wordt de nieuwe leerstof gekoppeld aan de voorkennis van de leerlingen?

  • Wordt de vakinhoud gekoppeld aan de leefwereld van de leerlingen?

  • Krijgen de leerlingen ruimte voor persoonlijke inbreng (context uit eigen ervaring, voorbeelden geven ...)?

  • Expliciteert de leraar de kernbegrippen (uitleggen, op het bord noteren, betekenisonderhandeling, door leerlingen laten verwoorden)?

  • Legt de leraar de relaties tussen kernbegrippen uit?

  • Geeft de leraar uitleg over de denk/werkwijze, vraagt hij naar de werk/denkwijze?

  • Stimuleert de leraar het verwoorden van oplossingen, het uitleggen van antwoorden?

  • Stimuleert de leraar vakinhoudelijke vragen?

  • Worden de geleerde vakinhouden samengevat?